Laagste maatschappelijke kosten bij verduurzaming met hybride en groen gas

Uit de Startanalyse van het Planbureau voor de Leefomgeving blijkt dat de verduurzaming met hybride en groen gas de meest voordelige route naar een klimaatneutrale gebouwde omgeving is. Voor de groene wijken in naastgelegen afbeelding geldt dat verduurzaming met groen gas tot de laagste nationale kosten leidt.

Ook de vorig jaar gepubliceerde scenariostudie ‘Vier trajecten naar een klimaatneutrale gebouwde omgeving ‘ toont aan dat een verduurzaming met groen gas en waterstof verreweg het goedkoopste is. Ruim de helft goedkoper dan de andere verduurzamingsroutes. Bovendien wordt de hoogste CO2-reductie gerealiseerd. In onderstaande tabel uit de studie zijn de benodigde investeringen en potentiële CO2-reductiecijfers onder elkaar gezet.

Tegelijkertijd zien we dat groen gas in de gebouwde omgeving onder druk staat. De industriële clusters houden graag de optie van verduurzaming met groen gas open, net als de mobiliteitssector die het zwaar transport met groen gas wil verduurzamen. Opvallend, omdat de netto (aard)gasprijs voor huishoudens vele malen hoger is dan voor de industrie en de transportsector. De businesscase kan simpelweg het beste uit in de gebouwde omgeving.

Beschikbaarheid is tijdelijk probleem

Toch is het PBL niet onverdeeld enthousiast over groen gas, omdat de beschikbaarheid en daarmee de betaalbaarheid van duurzame gassen onzeker is. Het PBL schat in dat de prijs van groen gas door schaarste ver boven de kostprijs uit zal komen. Dit is gebaseerd op aannames en strookt niet met de vele rapporten die hierover verschenen zijn. Zo berekende CE Delft al in 2021 in opdracht van Netbeheer Nederland dat voldoende reststromen beschikbaar zijn om in 2030 maar liefst 5,1 miljard m3 groen gas geproduceerd kan worden.[1]

Door in te zetten op vergisting- en vergassingstechnieken, is het wel degelijk haalbaar om in 2050 voldoende groen gas te produceren om de volledige gebouwde omgeving mee te verduurzamen. Immers, met de hybridisering van de gebouwde omgeving wordt aangetoond 75% gasgebruik bespaard in de gebouwde omgeving[2]. In 2023 werd ruim 6 miljard m3 aardgas gebruikt[3] door woningen in Nederland. Met een reële gasreductie van 75% is nog slechts 1,5 m3 groen gas nodig. Uiteraard pakt dit lager uit, omdat sommige huishoudens verduurzaamd zullen worden met volledig elektrische warmtepompen en/of warmtenetten.

Groen gas wordt niet gewaardeerd bij het vaststellen van een energielabel

Kijkend naar de toekomst is het cruciaal dat het aandeel groen gas meegerekend wordt bij het vaststellen van energielabels. Op dit moment gebeurt dit niet waardoor gebouwen een lager energielabel krijgen dan ze eigenlijk verdienen, groen gas wordt namelijk in de berekeningen gezien als fossiel aardgas waardoor op papier een woning op groen gas hetzelfde label krijgt als een woning op aardgas.  Door, net als bij elektriciteit, een PEF (Primaire Energiefactor) voor gas op te stellen, wordt deze fout eenvoudig hersteld.

Met name richting de bijmengverplichting in 2027 is het cruciaal dat gebouwen met de daadwerkelijke energieprestatie worden gelabeld. Gebeurt dit niet dan is de consequentie dat bewoners op oneigenlijke gronden alsnog worden gedwongen te elektrificeren en/of aan te sluiten op een warmtenet terwijl hun woning al CO2 vrij is.

[1] https://ce.nl/wp-content/uploads/2021/03/CE_Delft_190281_Potentieel_lokale_biomassa_en_invoedlocaties_groengas_DEF.pdf

[2] Twee-winters-met-tweehonderd-hybrides

[3] https://www.cbs.nl/nl-nl/maatwerk/2024/18/aardgas-verbruik-per-maand-naar-sector

Deze position paper is opgesteld voor het Commissiedebat Waterstof, Groen gas en andere energiedragers, d.d. 16-01-2025

Download position paper